topimg
Home arrow Pers arrow Vergrijzing is een vrouwenzaak
spacer spacer spacer
imgbody
spacer
Partijbureau 11-09-2006

spablogt
Vergrijzing is een vrouwenzaak PDF Afdrukken
vrijdag, 18 februari 2005

Christel vraagt aandacht voor oudere vrouwen.

,,GROOTOUDERS VORMEN DE GROOTSTE CRÉCHE VAN HET LAND EN TOCH BLIJVEN ZE VAAK ONZICHTBAAR’’
SP.A-SENATOR CHRISTEL GEERTS VRAAGT AANDACHT VOOR OUDERE VROUWEN
Vergrijzing is een vrouwenzaak
NIEUWPOORT — ,,Tachtig procent van de rusthuisbewoners zijn vrouwen. Het personeel dat voor hen zorgt, bestaat ook voor driekwart uit vrouwen. Maar als we kijken naar wie de beslissingen neemt, zien we plots veel minder vrouwen’’, zegt senator Christel Geerts (SP.A). Zij wil meer aandacht van de politiek, maar ook van de vrouwenbeweging, voor oudere vrouwen.
Van onze redactrice Anja Otte Voor ze verkozen werd, doceerde Geerts gerontologie (de studie van het ouder worden) aan de VUB. In de Senaat zit ze de commissie-Vergrijzing voor. ,,We vertrekken vanuit de idee dat een werknemer langer aan de slag blijft als hij zich goed voelt. Bij de hoorzittingen merk ik dat iedereen ervan uitgaat dat de eindeloopbaanproblematiek alleen over mannen gaat, terwijl bij de 54-plussers meer dan 100.000 vrouwelijke werknemers zitten. Ook voor hen moeten we aandacht hebben. Deze vrouwen werken vaak in sectoren waar de vakbonden minder sterk staan. Ze verlaten de arbeidsmarkt ook meer via minder lucratieve tracés, zoals werkloosheid of invaliditeit, dan via financieel gunstiger systemen zoals brugpensioen of Canada Dry.’’
– Waarom vraagt u meer aandacht voor oudere vrouwen? Om te beginnen zijn ze met veel meer dan oudere mannen. De cijfers spreken voor zich: in 2004 waren er 63 mannen die de honderd haalden, tegenover 445 vrouwen. Bij de vijftigplussers heb je al 1,163 miljoen vrouwen tegenover 984.000 mannen. Vergrijzing is dus vooral een vrouwenzaak. Een tweede reden is de beeldvorming. Het volkse gezegde ,,een man wordt gedistingeerd, een vrouw oud’’ geldt nog altijd. Jong en vitaal is sowieso de norm, maar die ligt nog veel hoger voor vrouwen. Onlangs las ik zelfs dat een bepaald kledingmerk Goedele Liekens niet meer wil sponsoren omdat ze al 43 is! Een derde reden is dat de levenssituatie van oudere vrouwen over het algemeen moeilijker is dan die van oudere mannen. Daar moet je rekening mee houden in het sociaal beleid.
– Op welke manier is de levenssituatie van oudere vrouwen moeilijker? We moeten oppassen met veralgemeningen, maar globaal genomen draagt hun leven meer risico’s in zich. Mannen staan er gemiddeld beter voor op gebied van ontwikkeling en financiën én ze hebben meestal nog een vrouw aan hun zijde. Als zij haar man overleeft, staat ze er alleen voor met bovendien een pak minder vaardigheden. De zestigplusser hebben nog niet kunnen profiteren van de democratisering van het onderwijs. Op zich is dat niet rampzalig — het leven is veel vormender dan welk onderwijs ook — maar die vrouwen hechten er zelf veel waarde aan. Hoe vaak hoor je niet: ja maar, ik ben niet lang naar school geweest. Als ze sommige formulieren niet kunnen invullen, wijten ze dat daaraan, terwijl iedereen wel eens struikelt over administratieve verplichtingen. Daarnaast hebben minder oudere vrouwen een loopbaan achter zich, al zijn de 50-54-jarigen met een serieuze inhaaloperatie bezig. Een carrière geeft nu eenmaal meer perspectieven naar zelfontplooiing en zelfvertrouwen. En als ze stoppen met werken is dat, zoals gezegd, vaker via ongunstige systemen. Als ze eenmaal met pensioen zijn, dan blijkt armoede alweer vooral een rouwenzaak. De Inkomensgarantie voor ouderen — het minimuminkomen, zeg maar— wordt aan 50.000 vrouwen uitgereikt, tegenover 20.000 mannen. Oudere vrouwen wonen ook veel meer alleen: doordat ze langer leven en met oudere mannen trouwden, verkeren ze vaker in weduwestaat. Veel zestigers en zeventigers zijn daar niet op voorbereid: ze hebben nog nooit alleen gewoond. Dit hoeft niet noodzakelijk een probleem te zijn, maar het zou toch een aandachtspunt moeten zijn voor seniorenverenigingen en de vrouwenbeweging. Nog één voorbeeld: dementie komt in hoofdzaak tot uiting bij vrouwen. Ook dat heeft alweer te maken met het feit dat ze langer leven — dementie treedt vooral in na de leeftijd van 80 — maar sommige onderzoeken stellen ook dat vrouwen iets vatbaarder voor zijn voor de ziekte. Dat zou hormonale oorzaken hebben, maar het heeft ook te maken met het ontbreken van een actief leven — een preventieve factor voor depressies en verwardheid. Er is goede medicatie voorhanden, maar die baat enkel als ze in een vroeg stadium van de ziekte toegediend wordt. Daarom moeten we werken aan preventie en screening.
De politiek bekijkt vergrijzing zelden vanuit die hoek. Vroeger concentreerde men zich vooral op zorg: rusthuizen, waar de meeste mensen maar vanaf 80, 85 jaar een beroep op doen. Nu heeft men het vooral over de eindeloopbaanproblematiek, maar er zijn nog zoveel andere domeinen die men moet bekijken.
– Hoe kan de negatieve beeldvorming aangepakt worden?
Binnen mijn eigen partij hebben we de drie V’s: verbazing, verontwaardiging en verantwoordelijkheid nemen. Die moeten we ook kunnen laten neerdalen over die 1,1 miljoen vrouwen. Oudere vrouwen doen zoveel. Vijf op zes nemen zorg op zich: voor kleinkinderen, voor buren, voor hun ouders. Grootouders vormen nog altijd de grootste crèche van het land. Dat wordt door de toenemende — en terechte — vraag naar georganiseerde kinderopvang soms uit het oog verloren. Vooral voor atypische opvang — als het kind ziek is, of bij vrijaf wegens een pedagogische studiedag — komen zij in beeld. Senioren hebben vaak een heel slecht beeld van de jeugd van tegenwoordig, maar tegelijk is de band tussen grootouders en hun kleinkinderen nog nooit zo goed geweest. Nu het formalisme is weggevallen — je moét niet meer naar oma — is er een veel echter contact in de plaats gekomen. Ik hou dit pleidooi ook binnen mijn eigen partij, met het oog op de lijstvorming. De vrouwen die 20 waren in ‘68, zijn nu 57. Deze meisjes van de flowerpower hebben zoveel expertise in huis wat betreft emancipatiestrijd, netwerking, visie. Zij moeten dringend mee het vergrijzingsdebat inkleuren en er moet een come-back komen van hun jeugdidealen. Als we ze niet op de lijst zetten, moeten we ze toch kunnen inschakelen in de beweging.
– Valt dat niet in dovemansoren bij de SP.A, die vooral verjongt? Staf Nimmegeers is het toonbeeld van nieuw in de partij, maar niet jong. Het is een slingerbeweging, maar we moeten inderdaad waakzaam zijn. Ik was ook blij toen ik las dat de co-voorzitters op het ideologisch congres ,,nieuw maar daarom niet jong’’ zullen zijn. Ik richt me ook tot de vrouwenbeweging, die al wat schuchtere stappen gezet heeft, maar veel meer en veel duidelijker haar stem moet laten horen in de vergrijzingsproblematiek. Wie anders gaat het opnemen voor vrouwen? Over enkele weken wordt in New York een evaluatie gemaakt van tien jaar VN-rapport van Peking over de status van de vrouw. Acht jaar terug heb ik voor elk thema in dat rapport nagegaan wat het betekent voor oudere vrouwen. Nu zou ik aan die theoretische oefening graag de politieke koppelen. Dat moet uitmonden in een charter van de oudere vrouw, een soort boordtabel: wat voorziet Peking, wat moet de overheid doen en wat betekent dat voor oudere vrouwen. Hoe zit het participatie, op politiek en maatschappelijk niveau? Arbeidspositionering? Een statuut voor de thuiszorger? Er is overigens een groot gebrek aan statistische gegevens. In België zijn statistieken ofwel per geslacht uitgesplitst, of per leeftijdscategorie. Naar de combinatie van beiden is het vaak vruchteloos zoeken. Als je de statistieken mag geloven, dan houdt huiselijk geweld op te bestaan vanaf 50 jaar. Eerstdaags dien ik ten slotte een wetsvoorstel in voor de oprichting van een Federale Adviesraad voor Senioren, die voor inspraak moet zorgen over domeinen als mobiliteit, pensioenen, tot zelfs jeugdbeleid.
– Alweer een nieuwe instelling? Het is inderdaad een bijkomende administratieve belasting, maar dat is nu eenmaal de prijs die je betaalt voor inspraak. Op het Vlaams niveau is er het Ouderoverlegcomité, aan wie de regering of het parlement advies kan vragen, maar op federaal vlak is er geen aanspreekpunt. We hebben recent een aantal seniorenverenigingen naar de Senaat uitgenodigd en die wisten niet wat hen overkwam. Nooit eerder werden ze daar gehoord. Vrouwen vormen zeventig procent van het seniorenmiddenveld. In de besturen van die verenigingen zie je al maar evenveel vrouwen als mannen — een ondervertegenwoordiging van de vrouwen dus. Als je dan kijkt naar de personen die de verenigingen naar de gemeentelijke adviesraden afvaardigen, dan zijn er maar zeven vrouwen meer voor elke tien mannen. Dat lijkt misschien spijkers op laag water, maar die raden spreken zich wel uit over zaken als rusthuizen. En daar wonen dus vooral vrouwen.

spacer
Navigatie
Home
Christel in de pers
Biografie
Links
Zoeken
Evenementen
Gastenboek
Nieuwsbrief
Fotogalerij
Contact

Archief
spacer spacer spacer spacer spacer
spa