topimg
Home arrow Parlementair werk arrow Schriftelijke vraag regelgeving kiné in ouderensector
spacer spacer spacer
imgbody
spacer
Partijbureau 11-09-2006

spablogt
Schriftelijke vraag regelgeving kiné in ouderensector PDF Afdrukken
donderdag, 10 maart 2005

Schriftelijke vraag van Christel Geerts aan de heer Demotte, minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid : problemen met de implementering van de regelgeving inzake kiné in de residentiële ouderensector.

Problemen met de implementering van de regelgeving inzake kinesitherapie in de residentiële ouderensector.
Ook in de ouderenzorg wordt alsmaar meer belang gehecht aan een multidisciplinaire en activerende benadering van de residenten. Kiné maakt binnen deze opzet vaak een onmisbare schakel uit.
Toch zijn er inzake implementering een aantal knelpunten en dit eigenlijk voor elk van de actoren : voorzieningen, gebruikers en kinesitherapeuten. I n het kader van artikel 9 en 10 van de nationale overeenkomst M.03.2 tussen de kinesisten en de verzekeringsinstellingen, moet iedere kinesist op minimaal 70 % van zijn of haar prestaties een honorarium vragen (mutualiteittussenkomst en remgelden).
Voornoemde bepalingen kunnen zonder bezwaren toegepast worden door zelfstandige kinesitherapeuten, die zelf hun honorarium innen. Kinesitherapeuten in loondienst die zelf hun honorarium niet innen, kunnen de overeenkomst niet toepassen en stellen zich bloot aan sancties van het RIZIV. Ook op het niveau van de voorzieningen zijn er diverse vragen in verband met de implementering van de kiné.
In OCMW-rustoorden, die werken met een all-in-prijs, stellen zich toch ernstige problemen bij de betaling van de prestaties aan ROB-patiënten. Aan de mutualiteiten worden facturen aangeboden voor de mutualiteittussenkomst voor de geleverde prestaties, het remgeld kan, gegeven de all-in-prijs enkel ten laste genomen worden van het OCMW.
Om de conventie te respecteren zouden deze OCMW's moeten : — of de dagprijs verlagen en de mogelijkheid voor zien om kinesitherapie als supplement aan te rekenen; — of slechts aan een deel van de ROB-rechthebbenden remgeld aan te rekenen. Dit zou juridisch als discriminerend beschouwd kunnen worden. Praktisch zou het ook niet realiseerbaar zijn.
Ook op het niveau van de gebruiker is er sprake van een gebrek aan eenvormigheid. In RVT is kinesitherapie opgenomen in het RIZIV-forfait. Dit is niet het geval in ROB. De gevolgen van deze regeling is dat er in de praktijk een discriminatie bestaat tussen ROB- en RVT-bewoners. De eersten moeten dus zelf betalen voor hun kinesitherapie (tenzij de voorziening dit expliciet ten laste neemt), wat tot gevolg heeft dat zij niet altijd de nodige kinesitherapie krijgen. Dit wanneer kinesitherapie hen toch ook langer zelfredzaam zou kunnen houden en de kosten voor de gezondheidszorg dus eigenlijk beperken. In de praktijk wijzigt het statuut van een bewoner ook nogal eens : van ROB naar RVT en terug.
Graag had ik aan de geachte minister de volgende vragen gesteld : — Werd er nagegaan of men de kinesitherapeutische prestaties die geleverd worden bij ROB-patiënten in een rustoord kan vergoeden via de forfaitregeling zoals deze geldt voor RVT-patiënten in diezelfde rustoorden ? Zo ja, welke stappen werden al ondernomen en is er enig zicht op deze gelijkschakeling ? — Kunnen kinesitherapeuten in loondienst voor prestaties in ROB-afdelingen van OCMW-rustoorden vrijgesteld worden van toepassing van de nationale overeenkomst M.O3.2 tussen de kinesitherapeuten en de verzekeringsinstellingen ? — Kan de kinesitherapie uberhaupt wel opgenomen zitten in het dagforfait, aangezien men ze aanrekent aan het RIZIV/mutualiteit ? Hoe en ten aanzien van wie speelt hier het mechanisme van de maximumfactuur ? — Zijn er reeds kinesitherapeuten gehoord in het kader van de overeenkomstencommissie en wordt de ROB/dagprijs argumentatie daarbij erkend ?
Antwoord :
Volgens het artikel van de overeenkomst tussen de verzekeringsinstellingen en de kinesitherapeuten, verbindt de kinesitherapeut zich ertoe het persoonlijke aandeel aan de rechthebbende in rekening te brengen, in tenminste 70 % van de door hem bewezen verstrekkingen. In dit kader mag de kinesitherapeut geen onderscheid maken tussen de rechthebbenden, noch op basis van de verzekeringsinstelling waarbij ze zijn aangesloten, noch op basis het type verstrekking.
Deze bepaling heeft betrekking op alle vertrekkingen verleend door een kinesitherapeut; dus ook die verstrekt aan patiënten in het kader van een ROB. De overeenkomst voorziet geen enkele uitzondering. De kinesitherapieverstrekkingen buiten de instelling, bewezen door een kinesitherapeut die in een ROB werkt, worden ook in rekening genomen.
Om deze situatie van het niet-innen en de weerslag op de toepassing van de overeenkomst te evalueren, voorziet deze een procedure, die momenteel loopt. In het kort verloopt de procedure als volgt :
1. Bepaling door de overeenkomstencommissie van het becijferd materiaal over een mogelijk verband tuisen het systematische niet innen van de persoonlijke tussenkomst en een belangrijk gemiddelde van prestaties per rechthebbende. We kunnen rekening houden met meetbare maatschappelijke eigenschappen van de patiënten van de kinesitherapeut. Deze stap is uitgevoerd. 2. Anonieme overdracht door de VI van deze gegevens aan de overeenkomstencommissie. Deze stap is uitgevoerd. 3. De commissie bepaalt vanaf welk punt de individuele kinesitherapeuten worden geselecteerd voor een controle door de VI. Deze stap is uitgevoerd. 4. De controle gebeurt in het kader van een op tegenspraak gewezen procedure : — het Nationaal Intermutualistisch Agentschap neemt schriftelijk contact op met de kinesisten. Deze stap wordt uitgevoerd; — de kinesitherapeuten antwoorden schriftelijk; deze stap is nog niet bereikt; — het Nationaal Intermutualistisch Agentschap heeft een onderhoud met bepaalde kinesitherapeuten. Deze stap is nog niet bereikt; — Op het einde van de controleprocedure stelt de voorzitter van het College indien nodig het niet naleven van de overeenkomst vast. Volgende punten dienen benadrukt te worden :
De kinesitherapie kan niet opgenomen worden in een « forfait » dat de ROB van het OCMW (deze term dient hier niet begrepen te worden in de « RIZIV » betekenis) zou vragen aan de risicopatiënt aangezien de ROB de terugbetaling int, die deze sowieso moeten innen om de overeenkomst na te leven.
De MAF heeft enkel zin ten aanzien van de individuele rechthebbende in functie van het totale remgeld dat hij effectief betaald heeft, zijn statuut en zijn inkomen. De opname van de kiné in het dagforfait van de ROB toegekend door de verzekering zal elk gevaar voor overconsumptie veroorzaakt door de afwezigheid van het remgeld wegnemen. Ondertussen zorgt die ook wel voor een herdefinitie van de begrotingsbehoeften in deze sector en die kunnen uitgedacht worden in het algemenere kader van de uitwerking van de globale begrotingsdoelstelling. Dit verhindert weliswaar niet dat de uitvoerbaarheid van deze forfaitisering kunnen analyseren en de overeenkomstencommissie met de rusthuizen is momenteel bezig met het opstellen van een overzicht van de beschikbare gegevens om de behoeften voor 2006 in het geval van een forfaitisering van de kiné in ROB in te schatten.

spacer
Navigatie
Home
Christel in de pers
Biografie
Links
Zoeken
Evenementen
Gastenboek
Nieuwsbrief
Fotogalerij
Contact

Archief
spacer spacer spacer spacer spacer
spa